De omgekeerde transfer – wat sportcoaches kunnen leren van het bedrijfsleven (3/3)
Topsport is een geapprecieerde inspiratiebron in het bedrijfsleven. Maar wat kan topsport leren uit het bedrijfsleven? Guy Van den Dorpe - doorwinterd in het bedrijf en coaching - deelt zijn ervaring.
In de vorige blog gingen we in leiderschapsvaardigheden en feedback-cultuur als nuttige tools voor coaches en atleten. In dit laatste deel richten we ons op risicomanagement, scenarioplanning en strategisch denken.
Risicomanagement en scenario planning
Risico’s horen bij het ondernemerschap.
Grote bedrijven werken daarom systematisch aan het identificeren, inschalen en beheersen van risico’s. Daarbij wordt doorgaans gekeken naar drie dimensies:
de kans dat het risico zich voordoet,
de impact ervan op de organisatie, en
de mate van voorbereiding of bescherming tegen het risico.
Op basis daarvan worden beheersingsprogramma’s opgezet om bestaande risico’s te verkleinen en nieuwe tijdig te detecteren. Voor belangrijke of onvoorspelbare risico’s ontwikkelen ondernemingen bovendien scenario’s: doordachte plannen die aangeven welke richting te volgen bij onverwachte gebeurtenissen. Zo kan men snel en doelgericht reageren wanneer de werkelijkheid anders uitpakt dan verwacht.
Die manier van denken is ook voor coaches bijzonder relevant. In sport is consistentie een sleutelfactor voor succes, en alles wat die consistentie bedreigt, vormt dus een risico. Blessures zijn daarvan het meest voor de hand liggende voorbeeld, maar ook factoren zoals motivatieverlies, logistieke problemen, weersomstandigheden of groepsdynamiek kunnen het prestatieproces verstoren. Door risico’s expliciet in kaart te brengen en vooraf scenario’s te ontwikkelen, kan een coach veel veerkrachtiger reageren.
Een concreet instrument hierbij is gedetailleerde procesplanning. In het bedrijfsleven wordt dit gebruikt om onverwachte gebeurtenissen vroegtijdig te detecteren en beheersbaar te houden. Ook in de sport kan zo’n planning het verschil maken tussen paniek en paraatheid. Een degelijk uitgewerkt proces is een bijzonder effectief risicobeheersingsinstrument — zowel bij de voorbereiding van een training, een stage als een wedstrijd.
Op eliteniveau wordt tijdens de voorbereiding van Olympische teams bijvoorbeeld gewerkt met minutieuze draaiboeken, waarin elke stap – van transport tot voeding, materiaal, communicatie en rustmomenten – nauwkeurig wordt beschreven. Die plannen worden vooraf doorgenomen met alle betrokkenen, zodat bij onvoorziene situaties (vertraging, blessure, logistiek probleem) iedereen weet welke alternatieven klaarstaan.
Zo’n gestructureerde aanpak creëert niet alleen overzicht, maar ook mentale rust: het team weet dat er voor elk scenario een plan bestaat. Net als in het bedrijfsleven maakt dit de coach niet rigide, maar juist wendbaar – voorbereid om met kalmte te reageren wanneer het onverwachte zich aandient.
Risicomanagement wordt zo een vorm van strategische paraatheid: een mindset die zowel in de boardroom als op het speelveld het verschil maakt.
Ik laat Reinout aan het woord. Hij heeft het Belgisch Hammer project (Nationaal triatlonteam) heeft geleid in aanloop naar de Olympische Spelen van Tokyo.
“In de voorbereiding naar de Olympische Spelen van Tokyo, werkte ik met alle stafleden tientallen scenario’s uit voor het Belgian Hammer project. Niet alleen in verband met wedstrijdtactieken, maar eveneens logistieke vraagstukken en ‘worst-case’ scenario’s werden voorbereid. Omwille van COVID restricties en de Olympische context, vond ik dat ik op alle denkbare scenario’s moest voorbereid zijn. Ik ging daarin heel ver. We hadden zelfs een scenario klaar wat te doen indien een atleet of staflid geconfronteerd zou worden met een plots persoonlijk verlies. Dit planningswerk bracht heel veel rust en voorspelbaarheid in het team, en heeft volgens mij sterk bijgedragen aan het succes op de Spelen.” RVS.

Analytisch en strategisch denken – van inzicht naar impact
“Het maakt niet uit hoe snel je een berg beklimt, als het niet de juiste berg is.”
Deze metafoor van Tony Martignetti illustreert hoe belangrijk het is om niet alleen hard te werken, maar vooral gericht te werken aan de juiste doelen. Doordacht handelen begint bij helder inzicht: weten waar je naartoe wilt, waarom, en hoe je daar het best geraakt.
In het bedrijfsleven worden belangrijke investeringen zelden impulsief genomen. Vooraf gaan marktonderzoek, concurrentieanalyses, risico-inschattingen en financiële evaluaties. Op basis daarvan worden strategische keuzes gemaakt: welke projecten verdienen de grootste focus en middelen? Daarnaast werken veel bedrijven met het principe test snel, faal snel: experimenteren, meten, bijsturen.
Ook sportcoaches kunnen hier veel van leren. Prestatieverbetering is zelden het resultaat van toeval, maar wel van gerichte analyse. Door systematisch te onderzoeken welke factoren het meeste bijdragen aan de progressie – technisch, fysiek, mentaal of omgevingsgebonden – kan de coach zijn energie investeren in wat écht impact heeft. Een goed opgezet monitoringsysteem (meten is weten) maakt het mogelijk om tijdig te detecteren wat vooruitgang oplevert en wat niet. Zo vermijd je dat je, figuurlijk gesproken, de verkeerde berg beklimt.
Slotbeschouwing
In deze zes thema’s zien we hoe inzichten uit het bedrijfsleven de sportcoaching kunnen verrijken: visie, planning, risicobeheersing, leiderschap, feedback en analyse. Elk aspect versterkt de professionaliteit van de coach en bevordert duurzame ontwikkeling bij atleten en teams.
De kern is steeds dezelfde: open staan voor leren over de grenzen van het eigen domein heen. Coaching, net als ondernemen, is een complex samenspel van mensen, processen en context. Wie durft kijken buiten het vertrouwde terrein, ontdekt nieuwe perspectieven en vernieuwt zijn eigen aanpak.
De kunst is niet om de bedrijfswereld te kopiëren, maar om er selectief uit te leren — om concepten te vertalen naar de realiteit van sportprestaties, groei en samenwerking. Zoals in elke vorm van ontwikkeling geldt: vooruitgang begint met nieuwsgierigheid.
De beste coaches zijn niet alleen leiders, maar ook levenslange leerlingen.
Guy Van den Dorpe “Na 30 jaar als manager in binnen- en buitenlandse multinationals, waarvan 20 jaar in topfuncties bij Bel-20 bedrijven, heb ik in 2019 het roer omgegooid. Sindsdien focus ik me op wat me echt drijft: coaching en sport. Ik coach ultralopers via het platform van Karel Sabbe, ben een van de hoofdcoaches jeugd bij SP&O Triatlon Mechelen, werk als zelfstandige coach voor lopers, wielrenners en triatleten, en geef les aan de Vlaamse Trainersschool in Triatlon & Duatlon.”
Reinout Van Schuylenbergh (PhD) is sportwetenschapper en gecertifieerd level 3 triatlon- en wielercoach. Hij heeft meer dan 30 jaar ervaring als duursporter en duursportcoach op professioneel en Olympisch niveau.
Hij is zaakvoerder van Triathloncoach.be en 3lab.be, gastdocent aan de KU Leuven, docent aan de Vlaamse Trainersschool, facilitator bij World Triathlon en auteur van blogs en sportwetenschappelijke artikels. Hij leeft op het ritme van de muziek en outdoor sporten.



