Science Friday - 13.02.2026
Jouw wekelijkse update over sportwetenschappen en coaching.
3LAB is een sportwetenschappelijk coachingbedrijf gespecialiseerd in triatlon en wielrennen. Onze expertise ligt in inspanningsfysiologie · trainingsbelasting · metabole analyse · evidence-based coaching.
Deze week brengen we deze onderwerpen onder de aandacht:
ChatGPT vs de Personal Trainer: wie geeft het beste advies?
Krachttraining tot uitputting voor optimale spierhypertrofie?
Validiteit van de STRYD loopsensor.
ChatGPT vs. De Personal Trainer: Wie geeft het beste trainingsadvies?
In een wereld waar kunstmatige intelligentie (AI) razendsnel terrein wint, rijst de vraag: kan een chatbot de expertise van een menselijke coach vervangen? Een gloednieuw onderzoek van de Universiteit Gent zocht het uit. De resultaten zijn even verrassend als confronterend voor de fitnesssector.
AI als betrouwbare bron?
Sinds de lancering van ChatGPT gebruiken steeds meer sporters de tool voor advies over schema’s, vetverlies en spieropbouw. Maar hoe wetenschappelijk onderbouwd is dat advies eigenlijk? Het onderzoek van Brecht D’hoe en collega’s (2026) stelde de vraag centraal: In hoeverre verschilt de kwaliteit van trainingsadvies van ChatGPT van dat van gekwalificeerde personal trainers op het gebied van wetenschappelijke correctheid, begrijpelijkheid en actiegerichtheid?
Een ‘Head-to-Head’ confrontatie
De onderzoekers kozen voor een rigoureuze aanpak:
Negen actieve personal trainers (Level 4 EQF) leverden hun meest gestelde praktijkvragen aan én gaven daar zelf hun beste antwoord op.
AI-input: Dezelfde vragen werden gesteld aan ChatGPT (versie 3.5).
Blinde beoordeling: De antwoorden van zowel de trainers als de chatbot werden geanonimiseerd.
De jury: Een groep van 18 andere personal trainers en 9 vakexperts beoordeelden de antwoorden op drie criteria:
Wetenschappelijke correctheid: Is het feitelijk juist?
Begrijpelijkheid: Is de taal helder voor een leek?
Actiegerichtheid: Kan de sporter er direct mee aan de slag?
ChatGPT wint op punten
De bevindingen waren opvallend in het voordeel van de AI:
Hogere score voor ChatGPT: De chatbot scoorde significant beter dan de personal trainers op alle drie de onderdelen (wetenschappelijke correctheid, begrijpelijkheid en actiegerichtheid).
Consistente kwaliteit: Waar de antwoorden van menselijke trainers sterk varieerden in kwaliteit (sommigen gaven uitstekend advies, anderen bleven vaag), leverde ChatGPT een constant en gestructureerd niveau van informatie.
Nuance: Experts merkten op dat ChatGPT uitblinkt in het samenvatten van algemene wetenschappelijke consensus, terwijl menselijke trainers soms blijven hangen in persoonlijke overtuigingen of verouderde “gym-mythes”.
Praktische aanbevelingen
Maar de studie geeft cruciale lessen voor de moderne coach:
Gebruik AI als assistent, niet als vervanger: Gebruik ChatGPT om basisinformatie of teksten voor je cliënten te genereren. Je bespaart tijd en de basiskwaliteit van de informatie is doorgaans hoog.
Focus op het ‘menselijke’ aspect: ChatGPT kan geen motivatie bieden, geen techniek corrigeren in real-time en heeft geen empathie. Je toegevoegde waarde als coach verschuift van informatiebron naar begeleider en gedragsveranderaar.
Blijf bijscholen: De studie toonde aan dat menselijke trainers soms achterlopen op de wetenschap. Zorg dat je kennis up-to-date blijft om de meerwaarde ten opzichte van een gratis chatbot te behouden.
Controleer de AI: Hoewel ChatGPT goed scoorde, kan AI “hallucineren” (feiten verzinnen). Gebruik je vakkennis om de output van de AI te valideren voordat je het naar een cliënt stuurt.
Conclusie: ChatGPT is momenteel een betere “encyclopedie” dan de gemiddelde personal trainer, maar het is (nog) geen coach. De winnende formule voor de toekomst? Een coach die AI omarmt om zijn kennis te versterken en zijn tijd besteedt aan wat een machine niet kan: de menselijke connectie.
Praktische tips
Veralgemening van deze onderzoeksresultaten naar de volledige sector van personal trainers en coaches, lijkt ons te kort door de bocht. Maar alleszins geven de resultaten een wake-up call en noopt het personal trainers tot permanente bijscholing.
Bij 3LAB hoort opleiding tot het vast takenpakket van ieder van onze coaches. Het opvolgen van wetenschappelijke informatie, discussiëren en kennis uitwisselen met ervaren coaches, het toetsen van trainingsprincipes in de praktijk, … we zijn er voortdurend mee bezig.
We stellen graag onze kennis en ervaring ter beschikking aan coaches via deze Substack en onze opleidingen.
Krachttraining tot uitputting: optimaal voor spierhypertrofie?
In de krachtzaal is “trainen tot falen” vaak de gouden standaard. Veel krachttermen en -coaches geloven dat krachttraining tot uitputting noodzakelijk is als prikkel tot spierhypertrofie. Een nieuwe review in de European Journal of Applied Physiology stelt dat deze aanpak spierhypertrofie juist in de weg kan zitten.
Binnen wetenschappelijk onderzoek naar spiergroei (hypertrofie) wordt vaak getraind tot task failure (het punt waarop een technisch correcte herhaling niet meer mogelijk is). De gedachte hierachter is simpel: het standaardiseert de inspanning. Als iedereen tot falen gaat, weten we zeker dat iedereen maximaal belast werd.
De onderzoekers van deze review stellen echter dat deze methode een probleem heeft: het verzadigingseffect. Als elke trainingsmethode (of je nu veel of weinig sets doet) tot falen wordt uitgevoerd, groeien de spieren bijna altijd maximaal. Hierdoor wordt het onmogelijk om subtiele verschillen tussen trainingsprogramma’s te ontdekken. De onderzoeksvraag luidt dan ook: Hoe kunnen we submaximale krachttraining gebruiken als een preciezer onderzoeksmodel om de effectiviteit van verschillende trainingsvariabelen te meten?
De onderzoeksmethode
Dit artikel beschrijft een conceptueel kader. De auteurs analyseerden de bestaande literatuur over spierhypertrofie en vergeleken studies die trainden tot falen met studies die een aantal herhalingen ‘op reserve’ lieten (Repetitions in Reserve of RIR).
Ze stellen een model voor waarbij proefpersonen vooraf uitgebreid worden getest om hun maximale capaciteit te bepalen, om vervolgens een vast percentage van die capaciteit uit te voeren (bijvoorbeeld 70% van het maximaal haalbare aantal herhalingen). Op die manier is de inspanning gestandaardiseerd zonder dat de vermoeidheid van ‘falen’ de resultaten vertroebelt.
De onderzoeksresultaten
De belangrijkste inzichten uit de review zijn:
Falen maskeert details: Trainen tot falen is zo’n sterke prikkel dat het de invloed van andere variabelen (zoals rustperiodes of bewegingssnelheid) overschaduwt.
Submaximaal is effectiever voor onderzoek: Door niet tot falen te trainen, ontstaat er een grotere spreiding in de resultaten. Hierdoor kunnen onderzoekers beter zien welke specifieke factor (bijv. volume of frequentie) écht verantwoordelijk is voor de groei.
Vermoeidheidsmanagement: Task failure veroorzaakt disproportioneel veel centrale vermoeidheid en spierschade, wat de totale trainingskwaliteit in de dagen daarna kan verminderen, zonder dat dit extra groei garandeert.
Praktische aanbevelingen voor de coach
Wat betekenen deze resultaten voor de trainingspraktijk? De auteurs pleiten voor een slimmere aanpak van intensiteit:
Stop vaker vóór het falen: Voor spiergroei is het niet noodzakelijk om elke set tot het uiterste te gaan. Trainen met 1 tot 3 herhalingen ‘over’ (RIR 1-3) is vaak net zo effectief en laat de atleet sneller herstellen.
Standaardiseer met de ‘Tank’ in gedachten: Als je de progressie van een atleet wilt meten, gebruik dan een submaximaal protocol. Bijvoorbeeld: laat de atleet elke week een vast aantal herhalingen doen met een gewicht dat zwaarder wordt, in plaats van elke week te kijken hoeveel herhalingen er maximaal uitkomen.
Gebruik falen strategisch: Bewaar trainen tot falen voor de laatste set van een oefening of voor isolatieoefeningen (zoals bicep curls), waarbij de systemische vermoeidheid minder impact heeft dan bij zware compound oefeningen (zoals squats).
Focus op kwaliteit boven kwantiteit: Door submaximaal te trainen, blijft de techniek beter behouden. Dit verlaagt het blessurerisico en zorgt voor een specifiekere prikkel op de doelspier.
Praktische tips
In de coaching van duursporters programmeren we bij 3LAB eveneens krachttrainingen. Deze zijn gericht op coördinatie, mobiliteit, bewegingskwaliteit, blessurepreventie en het opbouwen van explosieve kracht. We passen geen uitputtende krachttraining toe, omdat dit té impactvol is in het totale trainingsprogramma.
Meer informatie over krachttraining voor duursporters vindt u in deze online opleiding (inclusief oefenprogramma’s).
Validiteit van de STRYD loopsensor
In de wielerwereld is trainen op vermogen (wattage) al decennia de norm, maar bij hardlopers wint het concept nu pas echt terrein. Een recente studie onderzocht of de Stryd-sensor een betrouwbare maatstaf is voor de trainingsintensiteit en de aerobe conditie.
Traditioneel gebruiken hardlopers hartslag of tempo (pace) om hun intensiteit te sturen. Beide hebben echter beperkingen: hartslag reageert traag en wordt beïnvloed door hitte of stress, terwijl tempo geen rekening houdt met wind of hoogtemeters. “Running power” belooft een objectieve maatstaf te zijn die de mechanische output direct weergeeft. Deze studie, gepubliceerd in Sensors (2023), onderzocht hoe nauwkeurig de Stryd-powermeter correleert met fysiologische markers zoals zuurstofopname (VO2) en bloedlactaat, specifiek rond het cruciale omslagpunt (de Maximal Lactate Steady State of MLSS).
De onderzoeksmethode
Het onderzoek werd uitgevoerd met getrainde hardlopers die verschillende tests ondergingen op een loopband:
15 recreatieve lopers (8 mannen, 7 vrouwen) werden getest.
Inspanningstest: Een incrementele test om de VO2max en lactaatdrempels te bepalen.
MLSS-identificatie: Meerdere constante-snelheidstests van 30 minuten om het hoogste vermogen te vinden waarbij lactaat stabiel blijft.
Validatie: Er werd gekeken naar de relatie tussen het door Stryd gerapporteerde vermogen (in Watt), de snelheid, de hartslag en de zuurstofopname tijdens deze tests.
De belangrijkste bevindingen
Sterke correlatie met de metabole kost: De studie vond een zeer sterke lineaire relatie tussen hardloopvermogen en zuurstofopname (VO2). Dit betekent dat de Stryd-sensor een uitstekende afspiegeling is van de energetische kost van het hardlopen.
Betrouwbaar rond het omslagpunt: Het vermogen dat door Stryd werd gemeten bij de MLSS was zeer consistent. Dit suggereert dat vermogen een valide alternatief is voor tempo om de anaerobe drempel te definiëren, zeker wanneer externe factoren (zoals helling) variëren.
Gevoeligheid voor conditieverandering: De onderzoekers zagen dat de ratio tussen vermogen en zuurstofopname (P/VO2) stabiel blijft, wat betekent dat als je vermogen bij een bepaalde hartslag stijgt, je daadwerkelijk fysiologisch efficiënter bent geworden.
Kritische kanttekening: Hoewel Stryd zeer consistent is voor een individu, waarschuwen de onderzoekers dat de “Watts” van Stryd een schatting blijven van de metabole input en niet direct de mechanische arbeid aan de grond meten zoals een force plate dat doet.
Conclusie voor de coach
De Stryd-sensor is een geschikt hulpmiddel voor het kwantificeren van trainingsintensiteit. Het biedt een stabielere parameter dan hartslag voor korte intervallen en een contextrijker beeld dan tempo op geaccidenteerd terrein.
Praktische tips
De STRYD sensor geeft een nauwkeurige meting van de loopsnelheid.
De STRYD sensor geeft een valide indicatie van de metabole kost.
De meerwaarde van de STRYD sensor lijkt ons beperkt tot het opvolgen van de loopintensiteit op variabel terrein.
Enthousiast over deze Substack? Deel het met geïnteresseerden en win extra maanden abonnement.
Referenties
Brecht D’hoe, Daniel Kirk, Jan Boone, Alessandro Colosio. (2026) ChatGPT Outperforms Personal Trainers in Answering Common Exercise Training Questions. Journal of Sports Science and Medicine(25), 235 - 261. https://doi.org/10.52082/jssm.2026.235
Hammert, W.B., Moreno, E.N., Sallberg, R.W. et al. Rethinking task failure in resistance training research: a framework for submaximal exercise prescription. Eur J Appl Physiol (2026). https://doi.org/10.1007/s00421-026-06129-5
van Rassel, C.R.; Ajayi, O.O.; Sales, K.M.; Griffiths, J.K.; Fletcher, J.R.; Edwards, W.B.; MacInnis, M.J. Is Running Power a Useful Metric? Quantifying Training Intensity and Aerobic Fitness Using Stryd Running Power Near the Maximal Lactate Steady State. Sensors 2023, 23, 8729. https://doi.org/10.3390/s23218729
Over 3LAB
3LAB is een Vlaams sportwetenschappelijk coachingbedrijf gespecialiseerd in triatlon en wielrennen. Wij combineren inspanningsfysiologie, metabole analyse en evidence-based trainingsprincipes om atleten en coaches te ondersteunen in het maken van onderbouwde trainingsbeslissingen.
Reinout Van Schuylenbergh (PhD) is sportwetenschapper en gecertifieerd level 3 triatlon- en wielercoach. Hij heeft meer dan 30 jaar ervaring als duursporter en duursportcoach op professioneel en Olympisch niveau.
Hij is zaakvoerder van Triathloncoach.be en 3lab.be, gastdocent aan de KU Leuven, docent aan de Vlaamse Trainersschool, facilitator bij World Triathlon en auteur van blogs en sportwetenschappelijke artikels. Hij leeft op het ritme van de muziek en outdoor sporten.
3LAB Substack bestaat enkel door jouw steun. Door het abonneren steun je ons netwerk.


