Science Friday - 16.01.2025
Jouw wekelijkse update over sportwetenschappen en coaching.
Deze week brengen we deze onderwerpen onder de aandacht:
Pacing strategie en duurprestaties
Aerobe en anaerobe energie bijdrage tijdens maximaal fietsen
Is zone 2 training optimaal om de mitochondriale capaciteit te verhogen?
Pacing strategie en duurprestaties
Pacing gaat over het reguleren van de inspanningsintensiteit met het oog op een optimale prestatie. Men erkent verschillende vormen van pacing: met een behouden start, of net met een maximale start, of een pacing waarbij de intensiteit constant wordt gehouden . De pacingstrategie kan zelfgekozen zijn of opgelegd. Welke strategie zorgt voor de beste uithoudingsprestatie? In deze reviewstudie zocht men naar antwoorden.
Methode
De onderzoekers hanteerden een meta-analyse als onderzoekstechniek.
24 studies werden opgenomen in de meta-analyse
Duursporten: zwemmen, fietsen, lopen, roeien, schaatsen, ski, triatlon
302 proefpersonen (249 mannen, 53 vrouwen)
V̇O₂peak subjecten: 47-72 mL·kg−1·min−1
Conclusies
De resultaten tonen geen verschillen in tijdritprestatie tussen zelfgekozen, snelle, gelijkmatige en trage pacingstrategieën in zowel de primaire als secundaire analyses.
Dit suggereert dat geen enkele opgelegde strategie consequent beter presteert dan een zelfgekozen pacingstrategie. In lijn met de primaire bevindingen werden er geen betekenisvolle verschillen vastgesteld in de secundaire uitkomstmaten, waaronder gemiddelde of piek V̇O₂ en de lactaatwaarden aan het einde van de test.
Een trage start bleek geassocieerd met tragere prestaties.
Het ontbreken van consistente prestatieverschillen tussen pacingstrategieën kan worden verklaard door het adaptieve karakter van de zelf-gestuurde pacing, waarbij atleten in staat zijn interne signalen (zoals ervaren inspanning) en externe signalen (zoals gedrag van tegenstanders en omgevingsfactoren) te integreren om hun inspanningsverdeling te optimaliseren. Opgelegde pacingstrategieën verstoren deze regulatoire flexibiliteit, wat mogelijk het nemen van realtime beslissingen belemmert en de theoretische voordelen in energiemanagement tenietdoet.
Wees voorzichtig met het toepassen van deze bevindingen naar de praktijk, aangezien het merendeel van de studies werd uitgevoerd onder gecontroleerde laboratoriumomstandigheden. Deze weerspiegelen niet volledig de omgevings-, tactische en psychologische factoren die pacing in competitieve situaties beïnvloeden.



