Science Friday - 27.02.2026
Jouw wekelijkse update over sportwetenschappen en coaching.
3LAB is een sportwetenschappelijk coachingbedrijf gespecialiseerd in triatlon en wielrennen. Onze expertise ligt in inspanningsfysiologie · trainingsbelasting · metabole analyse · evidence-based coaching.
Deze week brengen we deze onderwerpen onder de aandacht:
Hoe nauwkeurig is jouw Garmin-horloge voor VO₂max?
Koolhydraten periodiseren: méér dan een dieettrend?

Hoe nauwkeurig is jouw Garmin-horloge voor VO₂max?
Je hebt het ongetwijfeld al je VO₂max ontdekt op je Garmin. De VO₂max geeft het vermogen aan van je aerobe energiesysteem. En dat is voor duursporters en teamsporters een belangrijke prestatiedeterminant. Het bepalen van de VO₂max vergt geavanceerde technologie (ademhalingsgasanalyse of INSCYD-testing). Handig dat je dit kan aflezen van je sporthorloge — maar hoe accuraat is dat getal? Dat onderzochten Engel en collega’s van de Universiteit van Würzburg.
De onderzoeksvraag
Klopt de VO₂max-schatting van de Garmin Forerunner 245 — en is de nauwkeurigheid verschillend bij matig getrainde versus sterk getrainde duursporters?
Hoe werd het onderzocht?
35 duursporters (hardlopers en triatleten, Tier 2–3) namen aan de studie deel:
Matig getraind (n=18): VO₂max ≤ 59,8 → gemiddeld 53,6 ml·min⁻¹·kg⁻¹
Sterk getraind (n=17): VO₂max > 59,8 → gemiddeld 67,0 ml·min⁻¹·kg⁻¹
De meting op het sporthorloge werd vergeleken met de gouden standaard.
Gouden standaard: ramp-protocol op de loopband met ademgasanalyse (COSMED Q-NRG MAX), gevolgd door een verificatietest.
Smartwatch-protocol: twee aparte submaxinale buitenloopjes van 15 minuten op een 400m-piste, bij >70% van de maximale hartfrequentie. De Garmin schatte na elke run de VO₂max via hartfrequentie en GPS-snelheid.
De validiteit werd beoordeeld via ICC (Intra Class Correlaties), MAPE (gemiddelde absolute procentuele fout) en Bland-Altman analyse.
Wat zijn de resultaten?
Over alle sporters: Het horloge onderschatte de VO₂max systematisch — gemiddeld 4,7 ml·min⁻¹·kg⁻¹ na de eerste run en 4,1 na de tweede. De overeenkomst was matig tot goed (ICC: 0,71–0,75), met een gemiddelde fout van 6,7–7,9%.
Voor de sterk getrainde atleet onderschat het horloge de VO₂max met gemiddeld 6,3 ml·min⁻¹·kg⁻¹ — een klinisch relevante fout die trainingsaanpassingen verkeerd kan sturen.
Na een tweede run: De nauwkeurigheid verbeterde bij beide groepen. Het horloge lijkt de atleet beter te leren kennen naarmate het meer data verzamelt.
De afwijking bij een gouden standaardmeting bedraagt maximaal ±2 ml·min⁻¹·kg⁻¹.
Wat betekent dit voor de coach?
1. Voor recreatieve en matig getrainde sporters: bruikbaar als trendindicator. Bij een VO₂max onder ~60 ml·min⁻¹·kg⁻¹ geeft de Garmin een redelijk accurate schatting (MAPE ~3%). Nuttig om evolutie over weken en maanden te volgen — maar niet om als absolute waarde interpreteren.
2. Voor goed getrainde sporters: grote voorzichtigheid. Bij een echte VO₂max boven 60 ml·min⁻¹·kg⁻¹ loopt de fout op tot ~9–10%. Een sporter met een echte VO₂max van 70 kan een horloge-waarde van 63 krijgen. Dat zijn 7 eenheden verschil — genoeg om de trainingsintensiteit fout in te stellen of de sporter te onderschatten.
3. Twee runs beter dan één. Geef het horloge de kans om te kalibreren. Na een tweede submaxinale loopsessie daalt de fout.
4. Lab-testen blijft de standaard bij elitesporters. Voor nauwkeurige trainingsdrempelbepaling, talentidentificatie of wetenschappelijk onderzoek is ademgasanalyse nog steeds een gouden standaard. Gebruik de smartwatch als aanvulling, niet als vervanging.
5. Wees kritisch op het absolute getal. Coaches die VO₂max-waarden vergelijken tussen sporters op basis van smartwatchdata, vergelijken appelen met peren. De foutmarge varieert per individu — en de brede betrouwbaarheidsintervallen in dit onderzoek bevestigen dat individuele schattingen sterk kunnen afwijken.
Synthese
De Garmin Forerunner 245 is een indicatieve monitortool voor matig getrainde sporters. De meetfout is tot 2x groter dan de nauwkeurigheid van een gouden standaard meting.
Voor sterk getrainde duursporters onderschat het horloge de VO₂max systematisch en zijn de individuele fouten te groot voor nauwkeurige beslissingen.
Koolhydraten periodiseren: meer dan een dieettrend?
Low-carb, high-fat. Sleep-low. Train-low. De voorbije jaren overspoelden ze de sportvoedingsliteratuur. Maar werkt het ook op lange termijn? En wat gebeurt er als je koolhydraten — na een periode van restrictie — opnieuw introduceert? Dat onderzocht een Weense onderzoeksgroep in een gecontroleerde gerandomiseerde studie van 8 weken.
De onderzoeksvraag
Heeft het periodiseren van de koolhydraatinname — afgestemd op de trainingsbelasting — voordelen ten opzichte van een doorlopend hoog of laag koolhydraatdieet? En zo ja, op welke vlakken?
Hoe werd het onderzocht?
24 recreatief actieve mannelijke lopers (VO₂peak: 51 ± 8 ml·min⁻¹·kg⁻¹) werden ingedeeld in drie groepen, die allemaal hetzelfde trainingsprogramma volgden:
PER (n=8): eerste 4 weken ≤50 g koolhydraten/dag (>60% vet) → daarna 4 weken hoog koolhydraat (50–60% KH)
LCHF (n=7): 8 weken ≤50 g koolhydraten/dag (chronisch koolhydraatarm)
CHO (n=9): 8 weken hoog koolhydraatdieet (controlegroep)
Het trainingsplan bestond uit 5 loopsessies per week: de eerste 4 weken gericht op basisuithoudingsvermogen, de tweede 4 weken op intervalsessies. Meting op drie tijdspunten (T-0, T-1, T-2) via een inspanningstest op de loopband met lactaatmeting en ademgasanalyse. De lichaamssamenstelling werd bepaald via bio-elektrische impedantieanalyse.
Wat zijn de resultaten?
Substraatmetabolisme — het duidelijkste verhaal:
Zowel PER als LCHF verhoogden na 4 weken de vetoxidatie significant. Bij de LCHF-groep bleef dit hoog na 8 weken. Bij de PER-groep daalde de vetoxidatie na herintroductie van koolhydraten weer — en de koolhydraatoxidatie herstelde zich. Dat is precies wat je van metabole flexibiliteit verwacht: het systeem past zich aan op het aanbod.
Loopeconomie — het verrassende resultaat:
Enkel in de PER-groep verbeterde de loopeconomie aan de lactaatdrempel significant na 8 weken (−27 ± 21 ml·kg⁻¹·km⁻¹, p = 0,026). Noch LCHF noch CHO vertoonde deze verbetering. De onderzoekers suggereren dat de herintroductie van koolhydraten — gecombineerd met intensievere training — de efficiëntie van het koolhydraatmetabolisme — wat per zuurstofmolecuul meer ATP oplevert dan vetoxidatie — herstelde.
Lichaamssamenstelling:
PER en LCHF verloren allebei gewicht en vetmassa in de eerste 4 weken. De LCHF-groep bleef gewicht verliezen in de tweede helft. Belangrijk: de PER-groep kende geen gewichtstoename bij de herintroductie van koolhydraten — er werd dus geen ‘rebound-effect’ waargenomen.
Wat NIET verbeterde:
VO₂peak, maximale loopsnelheid en de volhoudtijd verbeterden in alle groepen gelijkmatig over de tijd — maar er waren geen significante groepsverschillen. De training deed het werk, niet de voeding.
Wat betekent dit voor de coach?
1. Koolhydraatperiodisering beïnvloedt het metabolisme — niet rechtstreeks de prestatie. De studie bevestigt dat een laag-koolhydraatfase vetoxidatie verhoogt en metabole flexibiliteit traint. Maar dit vertaalt zich niet automatisch naar betere wedstrijdprestaties. Verwar metabole aanpassing niet met prestatieverbetering.
2. Het PER-model is veelbelovend voor de basisperiode. Een blok van 4 weken met lage koolhydraatinname (basistraining) gevolgd door de herintroductie van koolhydraten (intensivering) lijkt de meest gunstige combinatie — op metabool vlak en qua loopeconomie. Dat sluit goed aan op gangbare periodiseringsmodellen.
3. Chronisch low-carb: metabolisch effectief, maar met risico’s. De LCHF-groep bleef vetoxidatie verhogen — maar de loopeconomie verbeterde niet, en het koolhydraatverbruik bleef onderdrukt. Bij hoge trainingsintensiteiten is dat een fysiologisch nadeel: vet verbranden heeft een lager O₂-rendement dan koolhydraatverbranding. Langdurige LCHF heeft ook bekende risico’s op bloedlipiden, ijzermetabolisme en low energy availability.
4. Herintroductie van koolhydraten hoeft geen gewichtstoename te betekenen. In de PER-groep bleef het gewicht stabiel na de omschakeling naar hoge koolhydraat consumptie. Dit is allicht een geruststelling voor sporters die vrezen dat ‘koolhydraten herintroduceren’ automatisch leidt tot vettoename of gewichtstoename.
5. Beperkingen van deze studie. De studie onderzocht een kleine steekproef (8–9 per groep), met enkel recreatief actieve mannen, en er werden geen wedstrijdspecifieke prestatietest (geen tijdrit) in het protocol opgenomen. De bevindingen zijn niet zomaar te extrapoleren naar andere contexten zoals topsport of prestatiesport bij vrouwen.
De kern
Koolhydraatperiodisering beïnvloedt primair de metabole flexibiliteit en de lichaamssamenstelling — niet de VO₂max of de maximale loopsnelheid.
Het PER-model (laag koolhydraat in de basisperiode, daarna herstel) combineerde het beste van beide werelden: verhoogde vetoxidatie én verbeterde loopeconomie na herintroductie. Chronisch low-carb brengt dat laatste voordeel niet mee.
Enthousiast over deze Substack? Deel het met geïnteresseerden en win extra maanden abonnement.
Referenties
Engel, F.A., Masur, L., Sperlich, B. et al. (2026) Validity of V̇O2max estimates from the forerunner 245 smartwatch in highly vs. moderately trained endurance athletes. Eur J Appl Physiol 126, 591–603. https://doi.org/10.1007/s00421-025-05923-x
Kripp AM, Feichter A and König D (2026) Periodized carbohydrate intake influences metabolic flexibility and indices of running economy during endurance training in recreationally active males. Front. Nutr. 12:1750042.
doi: 10.3389/fnut.2025.1750042
Over 3LAB
3LAB is een Vlaams sportwetenschappelijk coachingbedrijf gespecialiseerd in triatlon en wielrennen. Wij combineren inspanningsfysiologie, metabole analyse en evidence-based trainingsprincipes om atleten en coaches te ondersteunen in het maken van onderbouwde trainingsbeslissingen.
Reinout Van Schuylenbergh (PhD) is sportwetenschapper en gecertifieerd level 3 triatlon- en wielercoach. Hij heeft meer dan 30 jaar ervaring als duursporter en duursportcoach op professioneel en Olympisch niveau.
Hij is zaakvoerder van Triathloncoach.be en 3lab.be, gastdocent aan de KU Leuven, docent aan de Vlaamse Trainersschool, facilitator bij World Triathlon en auteur van blogs en sportwetenschappelijke artikels. Hij leeft op het ritme van de muziek en outdoor sporten.
3LAB Substack bestaat enkel door jouw steun. Door het abonneren steun je ons netwerk.


